Massilia

 

Up ]

down 

Klik op een afbeelding om ze in het groot te bekijken.

Massilia

Inhoud

1. Het ontstaan van de stad

2. Historisch overzicht van de stad Marseille

3. Bewogen geschiedenis

3.1 Gesticht door kolonisten

3.2 Een Griekse stad

3.3 Romeinse overheersing

3.4 Griekse oorsprong

3.5 De burgeroorlog

4. De stad na de val van het West-Romeinse Rijk

4.1 Een periode van verval

4.2 Drang naar onafhankelijkheid

4.3 Concurrentie van andere steden

4.4 De burgeroorlog en de Franse Revolutie

4.5 Hoogtepunt van Marseille

4.6 Zware oorlogsschade

4.7 Marseille vandaag

5. De haven

6. Handel op de Middellandse Zee

6.1 Handel van de Grieken

6.2 Verbindingswegen

6.3 Importhaven voor GalliŽ

7. Romeinse overblijfselen in Marseille

8. Besluit

9. Foto’s uit Marseille en de omgeving

9.1 Het stadsgedeelte

9.2 De haven

9.3 Enkele bekende gebouwen

9.4 De omgeving: gebergten

10. Bronnen

 

1. Het ontstaan van de stad

De stad werd gesticht rond 600 v.C. en is daarmee de oudste stad vanheel Frankrijk. De IoniŽrs uit het Griekse Phocaea in Klein AziŽ noemden het Massalia,tegenwoordig Marseille. De stad ligt ongeveer veertig kilometer ten oosten van deRhŰnedelta op een zacht glooiend terrein, aan de baai van Lacydon. Het gebied werd toenbeheerst door de Ligurische Salluvii. De stad was toen nog voor driekwart omgeven door deMiddellandse Zee en daardoor gemakkelijk te verdedigen. De bedoeling van de Grieken waseen steunpunt op te richten voor hun handel van en naar Spanje.

Reis van de Griekse kolonisten

2. Historisch overzicht van de stad Marseille

Belangrijke gebeurtenis

Periode

Bezetting door de LiguriŽrs

2de helft 6de eeuw v.C.

De Grieken uit Phocaea stichten Massalia en verspreiden de wijnbouw, olijfbomen en ook de kunst om aardewerk te vervaardigen. De invloed van de Grieken verspreidt zich over heel GalliŽ.

6de eeuw v.C.

De Kelten uit het noorden vormen met de LiguriŽrs de statenbond van de Salluvii.

4de-3de eeuw v.C.

Tijdens de Tweede Punische Oorlog is Massilia bondgenoot van Rome. Hoewel Hannibal Massilia tot een vijftigtal kilometer nadert, valt hij de stad niet aan.

218-202 v.C.

De Salluvii vallen de Massilioten aan, deze roepen de hulp in van hun bondgenoot uit de Punische Oorlogen, de Romeinen.

181-154 v.C.

De Romeinen nemen militair het land rond Massilia in, daarbij vernietigen ze het fort van de Salluvii. Sextius bouwt er een nieuw fort dat hij Aquae Sextiae (Aix-en-Provence) noemt.

125-121 v.C.

De Romeinen stichten (Aix-en-Provence) en leggen de Via Domitia aan om hun doorgang naar Spanje te verbeteren.

De Provincia Romana wordt gesticht en is de eerste Romeinse provincie over de Alpen. De naam ‘Provence’ is hiervan afgeleid. De provincie wordt later Gallia Narbonensis genoemd.

De steden in de Provincia Romana krijgen een plaatselijk bestuur en het Romeinse recht.

122 v.C.

Na de eerste invallen van de barbaren splitst Narbonensis zich in twee. Het deel ten oosten van de RhŰne wordt Weens, maar verbrokkelt later.

Rond 250 n.C.

Het christendom wordt al vroeg verspreid in de Provence.

4de-5de eeuw n.C.

De Wisigoten bezetten het zuiden en de BourgondiŽrs de noordelijke streken.

419-478 n.C.

Pestplaag in Marseille

591 n.C.

De invasie van de Arabieren en ondergang van de Karolingers.

739-739 n.C.

Vorming van het Eerste Koninkrijk van de Provence

855-863 n.C.

Vorming van een Bourgondisch-Provencaals koninkrijk.

947 n.C.

Strijd tegen de Arabieren van Spanje op de Balearen. Marseille en andere steden uit de Provence nemen deel aan de kruistochten.

De handel langs de zuidelijke steden verrijkt BourgondiŽ.

1150 n.C.

Karel de Eerste van Anjou maakt een centraal bestuur en verovert het koninkrijk van Napels (1266).

1246-1286 n.C.

Godsdienstoorlogen tegen de protestanten. Periode van burgeroorlogen tijdens de jeugd van Lodewijk XIV.

Marseille geeft zich na een opstand over aan de koning en verliest haar voorrechten.

1660 n.C.

Zwarte pest ontstaat in Marseille.

1720 n.C.

De maritieme activiteiten in Marseille herleven dankzij het Suez-kanaal. Hoogtepunt van de stad.

1903 n.C.

3. Bewogen geschiedenis

3.1 Gesticht door kolonisten

Phocaea is nooit een grote stad geweest. Ze dankte haar betekenis aan de haven en deomliggende landbouwgronden. De PhocaŽrs hadden wel een sterke vloot en hielden veelexpedities naar het westen. Voor de zeereizen gebruikten ze geen handelschepen maar‘pentekonters’, lange oorlogsgaleien met vijftig roeiers. De reden van hunontdekkingstochten was vooral het vinden van metalen en andere grondstoffen (in Iberia).Als de handel met de nieuwe gebieden op gang kwam moesten er steunpunten voor dehandelsschepen gebouwd worden. De Grieken stichtten zo Massilia op de route vanGriekenland naar de vele kolonies in Iberia.

De kolonisatiedrang van de PhocaŽrs lag ook in het feit dat er eengrote overbevolking in Griekenland en Klein-AziŽ was. De bevolking in het gebied wastussen 800 en 700 v.C. met een factor zes toegenomen. Veel mensen weken uit naar de nieuweGriekse steden, verspreid over de Middellandse Zee. Om de positie van de Grieken in deProvence te versterken, stichtten de Grieken in het achterland nog een groot aantaldochtersteden, o.a. Antipolis (Antibes), Nicaea (Nice), Emporiae (Ampurias), Olbia(HyŤres) en Tauroention (Le Brusc). Al deze steden waren vestingen tegen deCelto-Ligurische stammen in het noorden.

3.2 Een Griekse stad

De stad ontpopte zich tot een belangrijk handelscentrum op de Fransezuidkust. De haven werd veel gebruikt als rusthaven voor schepen die op de handelsroutetussen Spanje en de andere Griekse kolonies voeren. Hierdoor werd het ťťn van debelangrijkste steunpunten bij de uitbreiding van de Griekse invloedssfeer in hetMediterrane gebied. Vanuit Massilia verspreidde de Griekse beschaving zich over deProvence.

Maar de glorie van Massilia was niet van lange duur. Een goede vijftigjaar na de stichting werd de stad belegerd door de Perzen. In de periode van moeilijkhedendie erop volgde, zeilden de helft van de inwoners naar de nieuwe stad Alalia op Corsica.Maar de interesse van de Grieken in de haven verminderde niet. De stad bleef debelangrijkste havenstad op de Gallische kust omdat ze zo dicht bij de RhŰne lag, dietoegang gaf tot bijna heel GalliŽ.

Door het goede contact met andere streken was de industriŽle ontwikkeling zeer goed inMassilia. Bruine Ionische vazen en PhocaeÔsche vazen werden er gekopieerd om danverspreid te worden in GalliŽ en langs de kusten. Er werd ook een Massiliotische amfoorontwikkeld, die werd geproduceerd op vier verschillende locaties: twee rond Massilia,ťťn rond Nice en een laatste tussen Frťjus en Antibes. Deze vazen werden vooralverspreid langs de Ligurische kust en in het Gallische binnenland.

Wijnteelt werd ook ingevoerd door de Grieken. De planten bleken er zogoed te groeien dat er zelfs geŽxporteerd werd. De geproduceerde wijn werd vervoerd in deMassiliotische amforen. De amforen werden waarschijnlijk dicht bij de wijngaarden gemaakt,als dat zo is dan is het gebied dat door Massilia werd gecontroleerd veel groter dan menaltijd heeft gedacht.

Buiten wijn brachten de Grieken ook olijven naar het gebied, die samenmet wijn en graan de belangrijkste producten waren. In de Provence werden ook veelkruiden, geneeskrachtige planten, hars en smaakstoffen verbouwd.

Bij de stichting van Massilia verschilde de economische en socialestructuur sterk in het gebied. In het algemeen produceerden de steden niet meer dan nodigwas om zichzelf te voorzie. Er was dus ook bijna geen handel.

3.3 Romeinse overheersing

Door haar machtige positie in de handel en de scheepvaart werd de stadeen concurrent van Carthago. In de Punische Oorlogen was de stad vrijwillig bondgenoot vande Romeinen. Massilia verzette zich tegen Hannibal, hoewel die de stad toch niet aanviel.Massilia, zoals de Romeinen het noemden, werd hun steunpunt in de oorlog tegen Carthago.Na de nederlaag van Carthago bij Zama in 202 v.C. breidde ze haar handel uit ten koste vande verslagen concurrent. Met de steun van Rome kon Massilia haar achterland beschermentegen de LiguriŽrs.

In 125 v.C. deden de Ligurische stammen een aanval op Massilia. De stadstuurde een aantal boodschappers naar Rome om bescherming te vragen. De Romeinen beslotenuit economische overwegingen twee legioenen, onder leiding van consul M. Fulvius Flaccus,te sturen. In het eerste half jaar overwonnen ze een deel van de Saluvische, Ligurische enVolcontische (grens met Spanje) stammen. Maar een permanente vestiging in het gebied wasvoor de Romeinen nog niet in zicht.

Het volgende jaar zond Rome opnieuw een aantal legioenen, nu onderleiding van C. Sextius Calvinus. Deze slaagde erin de stammen nog verder terug te drijvenen bouwde als bevestiging van het Romeinse gezag een fort, dat hij Aquae Sextiae noemde.Het gebied dat veroverd werd, kwam onder bestuur van Massilia. Maar Rome was zich bewustvan het dreigende gevaar in het noorden.

Twee jaar later stuurde het een legermacht van 30.000 soldaten met aanhet hoofd Q. Fabius Maximus. Fabius begon onmiddellijk een veldtocht tegen de Arverni ende Allobroges. De Allobroges werden later bondgenoot van Rome. Door de komst van deRomeinen werd Massilia geromaniseerd, maar men was zich er nog altijd bewust van deGriekse oorsprong.

3.4 Griekse oorsprong

Nu Massilia tot het Romeinse Rijk behoorde, mocht het de Via Domitiaonderhouden en tol heffen op de Fossae Marianae. De Fossae Marianae was een kanaal datMarius had laten aanleggen ten oosten van de RhŰnedelta na zijn overwinning op deGermanen.

Hoewel Massilia onder Romeins bewind stond, bleef ze in feite eenGriekse stad. De grote invloed van de stad op de Gallische stammen in het achterland drongver noordwaarts door. Massilia was heel gesteld op haar Griekse oorsprong en behield langde Griekse taal, tradities en godsdienstige feesten, o.a. ter ere van Apollo Delpinus enArtemis Ephesia.

De stad had een oligarchische bestuursvorm. Enkele bekende Massaliotenwaren de ontdekkingsreizigers Euthymenes (zesde eeuw v.C.) en Pytheas (rond 325 v.C.).

3.5 De burgeroorlog

In de burgeroorlog koos de stad partij tegen Caesar en werd eenvlootbasis van de Pompeianen. In oktober 49 v.C. veroverde Caesar de stad na een beleg vanzes maanden. De stad moest afstand doen van haar vloot, de krijgskas en een groot deel vanhaar territorium. Caesar liet de stad verder ongemoeid en ze behield haar zelfbestuur.Maar Marseille kon haar oorspronkelijke machtspositie niet herstellen. Later werd de stadoverschaduwd door een andere havenstad, Arelata (Arles), die toen nog aan de monding vande RhŰne lag, en daarna door Lugdunum of Lyon.

4. De stad na de val van het West-Romeinse Rijk

4.1 Een periode van verval

Aanvankelijk had de stad nog maar weinig macht in de Provence na de splitsing van GalliaNarbonensis. Pas in de vijfde eeuw n.C. kreeg de stad opnieuw betekenis door de stichtingvan het Sint-Victor-klooster. In de negende eeuw werd het zetel van een burggraaf. In 1216kreeg de stad Marseille opnieuw zelfbestuur, na bijna duizend jaar. De kruistochtenbetekenden een heropleving van de stad en vooral haar haven. De haven werd gebruikt alsspringplank naar het oosten voor de kruisvaarders. Ze scheepten er in en voeren dan naarZuid ItaliŽ, Constantinopel of AntiochiŽ.

4.2 Drang naar onafhankelijkheid

In de dertiende eeuw werd er rond de haven van Marseille een republiekgevormd die temidden van door bisschoppen bestuurde landen lag. Dit was kenmerkend voor destad die altijd een sterke drang naar onafhankelijkheid had. Marseille gedroeg zich altijdeigenzinnig tegenover de graven van de Provence en later ook tegenover de Franse koning.

4.3 Concurrentie van andere steden

Door de opkomst van Montpellier en de Italiaanse havensteden zoalsGenua als havenstad en het verdwijnen van de Oosterse markt geraakte de stad in deveertiende eeuw opnieuw in verval. In 1481 werd Marseille een Franse stad. Door deItaliaanse politiek van Frankrijk en een alliantie met de Arabieren kon de stad in dezestiende eeuw bloeiende handelsrelaties ontwikkelen met het toenmalige Barbarijen(noordwestkust van Afrika) en later ook met Spanje. De keramiekproductie, die al in dezestiende eeuw was ontstaan, bereikte in de achttiende eeuw een hoge kwaliteit.

4.4 De burgeroorlog en de Franse Revolutie

Maar na een relatief korte bloeiperiode, ontnam Lodewijk XIV in 1660 destad al haar privileges. De reden hiervoor was een opstand van de stad tegen de Fransekoning tijdens de burgeroorlog. Enkel de handel mocht ze nog behouden, omdat die vaneconomisch belang was voor Frankrijk. In 1789 sloot Marseille zich al snel aan bij deFranse Revolutie. Niet voor niets heet het Franse volkslied de ‘Marseillaise’.Volgens een verhaal uit die tijd waren een aantal jonge mannen uit Marseille op weg naarParijs om mee te doen aan de revolutie terwijl ze het lied zongen.

4.5 Hoogtepunt van Marseille

Door de Franse koloniale expansie in Afrika en de opening van hetSuez-kanaal in 1869, brak in de tweede helft van de negentiende eeuw de grootstebloeiperiode uit de geschiedenis van de stad aan. De enige concurrentie kwam van hetItaliaanse Genua, dat een groter achterland had. De meeste grote gebouwen in Marseilledateren dan ook ui die periode, o.a. de Notre-Dame-de-la-Garde, La Sainte-Marie-Major, dehuizen langs La CanabiŤre en de drie spoorwegstations.

4.6 Zware oorlogsschade

Tijdens de Tweede Wereldoorlog heeft de stad en de oude haven zwaargeleden. De Duitsers bouwden de haven helemaal om tot een oorlogshaven. Door de sterkeaanwezigheid van de vijand, werd de stad een bolwerk van het Franse verzet. Na de oorlogwas de haven lange tijd onbruikbaar door de 2500 mijnen die de Duitsers in de mondinghadden gelegd. Het stadbeeld werd sterkt veranderd door de aanleg van nieuweverkeersinfrastructuur.

4.7 Marseille vandaag

Marseille is nog altijd de eerste havenstad van Frankrijk. Er gebeurt veel handel met hetoostelijk deel van de Middellandse Zee (Griekenland, IsraŽl, Egypte, Zwarte Zee...). Eendeel van de Franse vloot is ook gelegen in een deel van de haven. Hoewel het economischeleven nog altijd draait, is het met de stad zelf wat erger gesteld. Het centrum is goedonderhouden vanwege het toerisme en er zijn vele culturele activiteiten. Maar in derandstad is het nogal verloederd en is de waarde van grond sterk achteruit gegaan.Marseille is buiten een handelscentrum al eeuwen een centrum van prostitutie enmisdadigers, deze zijn dan vooral in de randstad aanwezig. Door het verwaarloosdeuiterlijk doet de stad zelfs oosters aan (denk aan de Indiase miljoenensteden).

5. De haven

De haven is gelegen in een natuurlijke baai en wordt van de zee gescheiden door een aantaleilandjes. De haven was het belangrijkste economische punt van het gebied en is dat nogaltijd. De Grieken kozen de plaats omwille van de kleine natuurlijke baai (overzicht).Deze baai was ideaal als ankerplaats en voor het laden en lossen. De baai, de ‘VieuxPort’, was vroeger veel groter dan tegenwoordig (bijna de grootte van de Romeinsehaven). Doordat in de middeleeuwen enkel rond het diepste stuk van de baai stenen kadenwerden gebouwd, werd de baai alsmaar kleiner. De Grieken gebruikten het als rusthaven voorhun handelsschepen die net een lange reis van Corsica of SiciliŽ achter de rug hadden.

De Romeinen gebruikten het aanvoerhaven voor hun Gallische expansie.Tegenwoordig liggen de vele Griekse en Romeinse havens ver landinwaarts. Dit komt doordater een trage zeestroming die tegen de wijzers van de klok stroomt, langs de Fransezuidkust veel slib afzet op de kusten. De haven van Massilia of Marseille is hiertegenbeschermd door een landtong die ver in zee reikt. Marseille is daardoor de enige nogovergebleven haven.

6. Handel op de Middellandse Zee

6.1 Handel van de Grieken

Massilia was van groot belang voor de Grieken. Door de vrij centraleligging passeerden er allerhande schepen. Veel schepen kwamen van verre bestemmingen alsAthene of Egypte. De reikwijdte van de invoer is dan ook indrukwekkend. Het is zelfsbekend dat de Massiliotische schepen de zuidkust van Brittania naderden. Deze reizen warenmeer ontdekkingsreizen dan handelsreizen. Avienus zegt in een gedicht uit een veel lateretijd dat Periplus een reis zou ondernomen hebben om Brittania te verkennen. Er zijn ookaantekeningen van Pytheas bekend die over Brittania spreken.

De export vanuit de Provence bestond vooral uit wijn, olijven, kruidenen graan. Door de typische Massiliotische vazen kon men de verspreiding van de exportbepalen. In de zesde en vijfde eeuw v.C. was er veel handel met Etruria. Een bewijshiervan is de zwarte Etrurische ‘bucchero’ die men overal in de Provence heeftgevonden. De reden voor de handel is niet zo ver te zoeken. Etruria lag namelijk midden opde route tussen Massilia en Griekenland en werd veel als stoppunt gebruikt. Door dezecontacten kwam er een handel op gang in werktuigen, metalen en andere grondstoffen uitGalliŽ en het oosten van de Middellandse Zee.

De oorlog van Alalia, waarin de Massilioten tegen de Etrusken en deCarthagers vochten, bracht hier verandering in. Dit leidde ongetwijfeld tot de uitsluitingvan Etruskische schepen uit de Griekse havens in het westen van de Middellandse Zee. Ditbetekende het einde van de handelsbetrekkingen met de Etrusken en de Carthagers.

6.2 Verbindingswegen

Het Romeinse Rijk was doorweven met een uitgebreid een goed onderhoudenwegennet. Over de wegen gebeurde transport van personen en ook van goederen. Debelangrijkste route tussen de belangrijkste havens (Nice, Marseille en Antibes) was de ViaAurelia. Langs deze weg heeft Julius Caesar een nieuwe havenstad, Frťjus, gebouwd. De wegdie naar het Gallische binnenland leidde, was de Via Agrippa, langs het dal van de RhŰnevan Arles naar Orange. Er was ook een weg die de Ligurische kust volgde, de Via Domitia.Deze verbinding was vooral belangrijk voor de import van metalen uit Iberia. Sommige wegendie men heeft teruggevonden tonen zelfs aan dat een bepaalde regel moet bestaan hebben omrecht of links te houden op de openbare wegen. Men heeft nog niet kunnen achterhalen ofdit links of rechts was. Het vervoer van personen gebeurde grotendeels over land, maarvoor goederen was dit anders.

6.3 Importhaven voor GalliŽ

Op lange trajecten, zoals Alexandria-Massilia, was het veel goedkoper over water tetransporteren. In een edict van Deoclitianus uit 301 n.C. stond dat het goedkoper was eenhoeveelheid graan van Spanje naar SyriŽ te verschepen (35 dagen) dan een konvooi wagens120 kilometer landinwaarts te laten rijden.

Het transport met schepen werd vooral gebruikt voor massagoederen alsgraan, olijfolie en wijn. De olijfolie en de wijn werden vervoerd in speciaal ontworpenamforen die in het schip konden gestapeld worden. Een normaal vrachtschip kon 6 ŗ 7000van die amforen vervoeren. De Romeinse vrachtschepen waren traag en log omdat hun ruim zogroot mogelijk was. Dit had tot gevolg dat de schepen tot 400 ton goederen kondenvervoeren maar ook dat de goederen niet al te bederfelijk mochten zijn. In tegenstellingtot de Romeinse galeien die werden ingezet in zeeslagen, werd een vrachtschip nietvoortbewogen door roeiers maar wel door een rechthoekig zeil. De Griekse vrachtschepenmaakten wel gebruik van mankracht. De kleinere schepen hadden vooral een gemakkelijkbestuurbaar latijnzeil, dat lang en driehoekig was. Het latijnzeil wordt nu nog gebruiktin de Arabische landen.

Het graantoevoer van Rome was een kwetsbare schakel in de Romeinseeconomie. Het graan werd massaal geproduceerd in Noord-Afrika en andere provincies, en dannaar steden in ItaliŽ verscheept, vooral naar Rome. Het gebied rond Rome kon namelijkniet genoeg graan produceren om al haar inwoners te voeden. Als er dan in die provincieseen conflict was of piraten een schip enterden, wat wel eens voorkwam, werd degraantoevoer van Rome afgesneden.

Massilia was een belangrijke invoerhaven voor de Romeinse steden in GalliŽ, hoewel dezesteden vooral leefden van de eigen landbouw. Langs Massilia werden ook de legers inGalliŽ bevoorraad. In ruil voor de wijn en andere goederen die de Romeinen leverden aande GalliŽrs, kregen ze landbouwproducten of grondstoffen in de plaats. Maar dat was niethet enige dat de Romeinen in GalliŽ konden halen. Er bestond ook een handel in Gallischeslaven. Het gaat hier niet enkel over oorlogsgevangenen. Sommige geschriften spreken over‘een ontelbaar hoog aantal’ slaven (53.000) die tijdens veldtocht van Caesartegen de Atuatuci zijn gevangen genomen.

Na de Gallische expansie was er een handel in tin die dwars doorGalliŽ ging. Het tin werd in Brittania ontgonnen en verscheept naar hetGironne-estuarium, aan Bordeaux. Daarna werd het overgeladen en voer men de Gironne ofGaronne op totdat de schepen niet meer verder konden. De goederen werden dan een deel overland getransporteerd en aan de RhŰne terug op schepen geladen. De schepen voeren dan naarMassilia om van daaruit naar Rome of andere steden verscheept te worden. Men kan de exacteroute niet juist beschrijven omdat er heel weinig resten van deze handel bij de Gallischestammen is teruggevonden. Misschien was er voor de komst van de Romeinen ook al een handelin tin omdat de Massiliotische ontdekkingsreizigers en handelaars contact hadden metBrittania.

7. Romeinse overblijfselen in Marseille

De meeste Romeinse gebouwen waren in het centrum van de stad gelegen.In het oosten van de stad, aan ‘La Bourse’, zijn tijdens werkzaamheden in dejaren zestig restanten van Romeinse haveninstallaties en huizen blootgelegd. Bijherstellingswerken na de Tweede Wereldoorlog zijn in de ‘Vieux Port’ delen vande Romeinse kaden gevonden. De kaden waren gemaakt met stenen van de Griekse huizen die opde plaats van de haven hadden gestaan. Bij de haveninstallaties is een waterreservoirontdekt dat op de kade stond om de schepen van water te voorzien. De meeste vondsten zijnovergebracht naar een speciaal hiervoor opgericht museum, het ‘Musťe des DocksRomains’. Dit museum is volledig gewijd aan de Griekse en Romeinse handel en de havenvan Massilia.

Aan de rand van de Romeinse stad, tegenwoordig in het hartje van Marseille, de wegblootgelegd die toegang gaf tot de stad en liep tot aan de haven. Er zijn ook resten vaneen muur gevonden die mogelijk deel uitmaken van de verdedigingsmuur uit de zesde eeuwv.C. Deze muur is in de tweede eeuw v.C. afgebroken en vervangen door een stevigere,massieve, hellenistische muur. Buiten de wallen zijn er verschillende begraafplaatsengevonden, die dateren uit de vierde eeuw v.C. Hierdoor kon men de uitbreiding van stadafleiden. Op de archeologische sites is veel belangrijk aardewerk gevonden, met onderandere vazen uit Etruria, Corinthe, Athene en Sparta. Bij de opgravingen zijn ook veelgoederen van de FeniciŽrs gevonden. Voor de kust bij Grand Colonguť, op ongeveer 25kilometer van Marseille, is een schip gevonden op de zeebodem dat amforen metwaarschijnlijk olie vervoerde. Men heeft met de ‘Sestius’-amforen, die allemaaleen kenmerkende indruk hebben, kunnen bepalen dat het schip uit Puteoli. Aan de hand vanrekeningen en enkele Attische vazen kon men preciezer het hoogtepunt van de handel bepalen(tussen 570 en 500 v.C.). In de steden rond Massilia vindt men ook sporen die wijzen opeen bloeiperiode in de handel. Er zijn ook bewijzen gevonden dat de vijftig jaar dievolgden een slechte periode was voor Massilia.

8. Besluit

Het is misschien het gemakkelijkste Massilia of Marseille tebeschrijven als een brandpunt van culturen. De stad was de plaats waar handel werdgedreven tussen Iberia, de barbaren van het noorden en de staten in het oosten. Het waseen schakel in een onstabiel evenwicht van de handel tussen de verschillende volkeren enstaten.

9. Foto’s uit Marseille en de omgeving

9.1 Het stadsgedeelte

9.2 De haven

9.3 Enkele bekende gebouwen

9.4 De omgeving: gebergten

10.Bronnen

B. Cunliffe, Greeks, Romans and Barbarians: spheres of interaction, Londen, 19881

R. King, Illustrated Guide to France, LANNOO REISGIDSEN, Tielt, 1993≥

G. GouŽzel, Frankrijk, ANWB, Bern, 19821

H.D. StŲver, De Romeinen: Meester in het machtsspel, Schelle, 1976≤

G. Herm, De FeniciŽrs: Het Purperrijk uit de Oudheid, Schelle, 19741

J. Bordman, J. Griffin, O. Murray, The Oxford History of the Classical World, OXFORD UNIVERSITY PRESS, Oxford-New York, 19861

C. Scarre, Historical Atlas of the Ancient Rome, THE PENGIUN HISTORICAL ATLAS, Cambridge, 19951

Hystorische Encylopedie

Internetsite van de stad Marseille, Histiore de Marseille, Le port de Marseille, Informations ťconomique, Cognito Technologies 1995-1998

Microsoft Home, Ancient Lands, MICROSOFT MULTIMEDIA, 1994

 
 
 top

Carpe translationem

[ Massilia ] PompeÔ ] Rome (Ontstaan) ] Troje ] Xanten ]

© 2005, 2006 www.klassiekevertalingen.nl

Plýk een vertaling