Politieke organisatie

 

Up ]

down

 

De politieke organisatie van de staat

De eerste bestuursvorm in Rome is het koningschap.

De eerste machthebbers in Rome zijn koningen. Zij hebben de hoogste bevoegdheid in destaat; zij beslissen, oordelen, veroordelen en straffen; zij zijn de aanvoerders van hetleger en berniddelaars bij de goden. Zij kunnen zich laten bijstaan dooreen raad vanouderen. Volgens de legende zijn er achtereenvolgens zeven koningen. De eerste is Romulus, een verre afstammeling van de Trojaan Aeneas.De laatste drie zijn Etruskische vorsten. De Etrusken hebben namelijk in de 7de eeuw v.C. Romeondervorpen. Hun heerschappij ontaardt in een tirannie. Op het einde van de 6de eeuw v.C.komen de Romeinen in verzet en verdrijven de vreemde heersers uit de stad.

Van de 5de tot de lste eeuw v.C. kent Rome de republikeinsestaatsvorm.

De staat wordt in die tijd bestuurd door verschillende magistraten,door de senaat en door het volk.De magistraten worden telkens voor één jaar verkozen enzijn minstens met twee voor dezelfde functie. Die beperkte ambtsduur en de opsplitsing vanhun bevoegdheid moet beletten dat zij teveel macht krijgen. De Romeinen zijn immers op hunhoede voor personen die naar een onbeperkte of koninklijke macht (regnum) streven. Bij demagistraturen wordt een vaste opeenvolging in acht genomen. Die rangorde van minder naarmeer belangrijke ambten noemt men de Cursus honorum, de«loopbaan van de ereambten,» Men kan om de drie jaar verkozen worden voor een hogerambt, van quaestor, aediel en praetor tot consul. Deze honores of ereambten worden nietbezoldigd; bijgevolg worden ze meestal bekleed door leden van de rijkere families. Alleende mannelijke burgers kunnen kiezen of verkozen worden. De Quaestores beheren definanciën van de staat en controleren inkomsten en uitgaven.

De aediles houden toezicht op het openbare leven in de stad en staanaan het hoofd van de stadspolitie. Van belang voor hun verdere politieke loopbaan is hetfeit dat zij tevens instaan voor de organisatie van de spelen en van devoedselvoorziening. Als zij de drang van het volk naar «brood en spelen», kunnenverzadigen, maken zij een goede kans bij de volgende verkiezingen.

De praetores hebben rechterlijke bevoegdheid.

De consules hebben de militaire en uitvoerende macht in handen en zijzitten de belangrijke vergaderingen van de staat voor.

De voornaamste vergadering is die van de senaat. Aanvankelijk waren er300, later 600 senatoren, allen oud-magistraten. Zij zetelen voor het leven. Daardoorheeft de senaat een groot gezag. Hij houdt toezicht op de magistraten- en de anderevergaderingen, de eredienst, de openbare werken en het beheer van de provincies. Hijbepaalt de buitenlandse politiek en kan zelfs de noodtoestand uitroepen als de staat ingroot gevaar komt.

Het volk kan invloed uitoefenen langs de verkiezingen en door wettendie in de volksvergadering gestemd worden. De voorzitters van deze vergadering, tribuniplebis of volkstribunen bezitten het vetorecht (vetare, -o: verbieden) om de belangen vanhet volk te beschermen. Hiermee kunnen zij eik wetsvoorstel van elke magistraattenietdoen.

Op die manier is er dus een zeker evenwicht tussen de verschillenderriachtsgroepen in de staat. Vandaar het overbekende SPQR: Senatus PooulusQue Romanus.

Deze afkorting, die het symbool geworde is van elke democratischebestuursvorm, kan je ook nu nog overal terugvinden. Uiteraard verandert de laatste letter:In Antwerpen bijvoorbeeld wordt bet SPQA en in Hasselt SPOH.

De overgang naar de alleenheerschappij

Stilaan wordt deze politieke organisatie echter verzwakt door partijtwisten tussen deoptimates, de senaatspartij, en de populares, de volkspartij. Na de invoering van hetberoepsleger maken sommige politici langs hun militaire loopbaan om, van de gelegenheidgebruik om alle macht naar zich toe te trekken. Zo kan Iulius Caesar, de leider van de populares, in 48v.C. de alleenheerschappij veroveren om de staat grondig te hervormen. Na vier jaar wordthij vermoord, maar zijn rol wordt met succes overgenomen door zijn stiefzoon Octavianus.In 27 v.C. krijgt hij van de senaat de titel «princeps senatus», leider van de senaat.De princeps is opperbevelhebber - imperator- van het leger, heeft de meeste provinciesonder zijn persoonlijke controle, bezit als volkstribuun het vetorecht en is tevenspontifex maximus of opperpriester. Hij krijgt ook de bijnaam Augustus, de hoogverhevene, deeerbiedwaardige!
Op die manier wordt de macht van de senaat beperkt en verliest het volk zijn politiekeinvloed. Het principaal wordt geleidelijk een alleenheerschappij waarbij de princeps nogtijdens zijn leven een opvolger tracht te vinden, zo mogelijk in de eigen familie.

Daarmee zijn meteen alle pijlers weggevallen waarop de republieksteunde: de beperking van de macht in de tijd, geen enkel ambt wordt uitgeoefend dooréén persoon en geen enkele bevoegdheid is erfelijk.

Zonder veel verzet van de senatoren krijgt de princeps greep op hethele bestuur, niet in het minst omdat de scheiding tussen de staatskas en het privaatbezit van de keizer is weggevallen.
Vele senatoren hebben daarenboven heel wat aan hem te danken: sommigen zijn door hem in desenaat opgenomen, anderen kregen van hem belangrijke posten zoals het gouverneurschap overeen provincie of het bevel over een legioen, nog anderen werden zelfs financieel gesteundals hun minimumbezit van 1.000.000 sestertiën in het gedrang kwam. Bij verkiezingen zalde princeps bepaalde kandidaten voorstellen en omdat zij meestal niet worden betwist,komen alle belangrijke bestuursposten in handen van vertrouwelingen.

Bij bestuur van het wereldrijk laat de keizer zich door uiterst bekwamemensen bijstaan. Ook vrijgelatenen komen hiervoor in aanmerking. De keizerlijkehofhouding, in feite de private administratie van het uitgebreide bezit van de keizer,neemt meer en meer de bevoegdheden van de officiële functies over. Die blijven nog welbestaan, maar zijn beperkt tot een loutere erefunctie, een onderscheiding die men van dekeizer ontvangt.

De vergoddelijking van de princeps is nog een ander element van zijnmacht. Voor hem worden beelden opgericht op pleinen en kruispunten en er wordt voor hemgeofferd. Die vergoddelijking is ontstaan tijdens het bewind van Gaius Iulius Caesar mede onder sterke oosterse invloed.Na zijn dood krijgt hij de titel «Divus lulius», de goddelijke Iulius. Zijn opvolgersnemen de titel clivus over, om zo nog meer aanzien te verwerven.

Tegen deze verregaande vorm van alleenheerschappij komt weinig verzet los en als hetgebeurt, grijpt de imperator onmiddellijk in. Door de Pax Romana bloeien handel ennijverheid en de belastingen worden nu zeker zo eerlijk geïnd als tijdens de republiek.Keizer Tiberius bijvoorbeeld, zei tot een belastingsambtenaar «dat hij zijn schapen moestscheren en niet villen. De zwaarste problemen stellen zich dan ook vaak in Rome zelf ennog wel in de keizerlijke familie: in de strijd om de mogelijke opvolging worden sommigekandidaten zond er meer vermoord. Overigens zijn de opvolgers van Augustus (Octavianus) niet allen vanhetzelfde gehalte. Vooral Caligula (37-41 n.C.) enNero (54-68 n.C.) laten zich in negatieve zin opmerken.

 
top

Carpe translationem

Ara Pacis ] Cursus Honorum ] Datering ] Forum Romanum ] Griezelen ] Huwelijk ] Het Romeinse leger ] Het Griekse leger ] Leiders van Rome ] Naamgeving ] [ Politieke organisatie ] Spreekwoorden ] Thermen ] Tijd ] Tijdlijn ] Toneel in Rome ] Triomfbogen ]

© 2005, 2006 www.klassiekevertalingen.nl

Plùk een vertaling